Ga direct naar de inhoud

Edwig Van Hooydonck

Won De Ronde in 1989 en in 1991

2 april 1989, Hallebaan, Meerbeke. De laatste honderden meters: Edwig Van Hooydonck schudt vertwijfeld met het hoofd, houdt datzelfde hoofd even tussen de twee handen geklemd, maakt net voor de streep een hulpeloos gebaar. Het is niet mijn schuld. Even later kan diezelfde jongeman van 22 op het podium zijn emoties niet meer de baas en laat hij zijn tranen de vrije loop.

7 april 1991, Hallebaan, Meerbeke. De laatste honderden meters: Edwig Van Hooydonck gooit de gebalde linkervuist in de lucht, klapt zich boven zijn hoofd in de handen. Even later staat op het podium een zelfverzekerde jongeman van 24, die zich de huldigingen laat welgevallen en vlotjes de pers te woord staat. Twee even schitterende overwinningen in de Ronde van Vlaanderen, twee totaal verschillende renners aan de aankomst.

"In 1989 was ik totaal overdonderd", zegt Van Hooydonck. "Die overwinning kwam helemaal onverwacht. Ik maakte me bij de start niet de minste begoochelingen. Ik schatte mijn conditie nog niet zo hoog in en had eerder Parijs-Poubaix aangestipt als grote doelstelling. En dan kwam zoiets uit de lucht vallen. Ik was zo overrompeld, dat ik geen blijf wist met mijn gevoelens. Vandaar dat onbedaarlijke gehuil op het podium. Ach, het was toch mooi, het was eerlijk in ieder geval.

 http://rvv.pro.p.assets.flandersclassics.be/files/1279/original/win89_medium.jpg?1343736037

Twee jaar later stond een stralende Van Hooydonck op het hoogste schavot. "Ik vond mijn prestatie toen sterker dan in 1989", zegt hij. "Voor de ogen van de hele wielerwereld versloeg ik zonder pardon de grote kleppers: dat was af, dat was zuiver, daar was niks op af te dingen. Voor de start was ik bovendien torenhoog favoriet. Bij de bookmakers stond ik 1 tegen 1. De concurrentie wist dus wat ze aan me had, ik werd in het oog gehouden. Maar toch maakte ik af zoals ik dat wilde. Sportief stelde 1989 wellicht iets minder voor. Ik verschalkte daar niet echt de top. En ik was een outsider toen. Al maakte het rotweer er toen een harde wedstrijd van.

Raas

Van Hooydonck had, tussen die twee memorabele overwinningen in, de Superconfex-trui geruild voor een Buckleruitrusting. Maar de ploegleider was dezelfde gebleven: Jan Raas. Zijn hele carrière bleef de rustige Kempenaar Raas overigens trouw. "Bij mijn overstap naar de profs in 1987 koos ik voor de figuur Raas, omdat hij zoveel stiel- en mensenkennis heeft", aldus Van Hooydonck. "De centen waren aanvankelijk van geen belang. Ik wilde twee jaar leergeld betalen. In de Ronde finale van 1989 gaf Raas me de raad me in te houden tot aan de Bosberg. Anders ging ik, jong en ongedurig als ik was, wellicht op de Muur al geprobeerd hebben. Die raad bekwam me niet slecht. Ook financieel niet. Na mijn overwinning in die Ronde werd mijn contract meer dan behoorlijk aangepast: mijn wedde werd verviervoudigd."

Dat viel hem geen tweede keer te beurt. "Na mijn overwinning in 1991 weende ik niet, maar daar had ik eigenlijk wel reden toe. Ik had een week voor de Ronde mijn contract met Raas verlengd. Ik drong nog even op een aanpassing aan. Maar daar ging de ploegleiding niet op in. Daar kon ik inkomen. Door vroeg te tekenen had ik voor zekerheid gekozen. Dan kun je niet ook nog eens eisen datje meer krijgt als het goed loopt. Want dan moet je ook aanvaarden dat dit systeem in de omgekeerde richting kan lopen. Je kunt niet alles hebben. Overigens kon ik mijn hele carrière blijven teren op die twee Ronde-overwinningen. Ik moest nooit nog inleveren, ook het laatste jaar werd ik nog goed betaald. Dat komt natuurlijk ook omdat ik, tijdens het voorjaar vooral, geregeld present was. En omdat ik voor de ploeg nog altijd iets te betekenen had."

http://rvv.pro.p.assets.flandersclassics.be/files/1280/original/win91_medium.jpg?1343736108

Parijs-Roubaix

Vierentwintig jaar pas en al twee overwinningen in de Ronde van Vlaanderen: de niet te verzadigen supporter en de euforische media wilden meteen meer natuurlijk. "In '89 had het er al moeten van komen", zucht Van Hooydonck. "Na die Ronde-winst leefde ik op een wolk en wist ik met mijn krachten geen blijf. Ik zag het helemaal zitten voor de daaropvolgende Parijs-Poubaix. Ik liet Gent-Wevelgem links liggen, maar ging op donderdag de Grote Prijs van Denain rijden. Ik reed er de wedstrijd van mijn leven. Alles en iedereen in de prak. De laatste die ik afmaakte was Thierry Marie. Het was ook echt pokkenweer toen, nul graden of daaromtrent, en veel regen. Niet dat ik dat leuk vond, maar in zo'n omstandigheden rendeerde ik altijd meer. Zon en hoge temperaturen waren mijn natuurlijke vijanden. Dat is heel mijn carrière lang, vooral dan in de Tour, genoegzaam gebleken. In Denain was ik echter zo diep gegaan dat ik drie dagen later in Parijs-Roubaix nog niet helemaal was gerecupereerd. Ik moest met een derde plaats vrede nemen." Ook in 1987 en 1990 strandde Van Hooydonck op een derde plaats in de Helletocht. "Jammer dat ik altijd naast Parijs-Roubaix pakte. Een klassieker die me nog meer lag dan de Ronde. Want met de Ronde heb ik altijd een haat-liefde-verhouding gehad. Mijn eerste contacten, in '87 en '88, waren tegenvallers. Dat duwen en trekken, dat nerveuze gedoe net voor de bergzone en op de eerste hellingen was niet aan mij besteed. Ik heb me daar op de duur overheen kunnen zetten, door tijdelijk mijn verstand op nul te zetten. Maar het bleef gekkenwerk. In dit opzicht vind ik Paris-Roubaix rechtlijniger, makkellijker. Aan de andere kant vind ik de sportieve waarde van Parijs-Roubaix kleiner. De Hel van het Noorden ligt veel toprenners niet, die geven dan ook forfait. Parijs-Roubaix is een wedstrijd voor een specifiek type, van renner. In de Ronde is het deelnemersveld breder, gevarieerder."

Durand

Het bleef wachten tot Van Hooydonck zich met een derde overwinning in de legende zou hijsen, naast Fiorenzo Magni, Achiel Buysse en Eric Leman (en waar intussen Johan Museeuw zich bijvoegde). "Ik ben daar nooit zo mee bezig geweest. In 1992 was ik er het dichtst bij. Derde na Jacky Durand en Thomas Wegmüller die zowat de hele dag voorop reden. Men minimaliseert die overwinning van Durand gemakkelijk. Maar een slecht renner was en is hij zeker niet. In die Ronde van '92 telde hij op de Bosberg nog een goeie minuut voorsprong. Fondriest, toen toch absolute top, en ik hebben plankgas achtervolgd. Maar we maakten nauwelijks iets van onze achterstand goed. Straf toch, wat die Durand toen presteerde."

Het verstandshuwelijk met de Ronde raakte in een crisis toen bleek dat de Lange van Gooreind, zoals Van Hooydonck tijdens zijn carrière werd genoemd, er steeds minder aan de bak kwam. In 1993 werd hij zesde, een jaar later negende. "Maar ik kreeg steeds meer het wrange gevoel dat ik nooit nog voor de overwinning zou meespelen. Op cruciale momenten reed de concurrentie gewoon van me weg. De kloof met de absolute top werd alsmaar breder. Toen ik de Ronde won, reed ik de Bosberg naar boven met een versnelling van iets meer dan vijf meter. Bartoli, winnaar in 1996, deed het op de Bosberg met iets minder dan zeven meter. Zegt het je iets? Die explosieve evolutie hebben we met de ploeg te laat onderkend. We stonden sceptisch tegenover de Italiaanse trainingsmethodes en bleven bij het oude zweren. Toen toch werd ingegrepen, was het, voor mij toch, te laat."

Op 1 mei 1996 gaf Van Hooydonck, nog geen dertig toen, er de brui aan. De Belgische wielerwereld was met verstomming geslagen. "Fysiek bereikte ik niet meer de hoogste toppen, maar ik was zeker nog niet helemaal versleten. Maar het was vooral mentaal dat ik helemaal was opgebrand. Op 7 reed ik mijn eerste wedstrijdjes. Het is achteraf bekeken absurd hoeveel wedstrijden ik in die 23 jaar rennersbestaan heb gereden. Dat vreet je inwendig kapot. Ik heb gevreesd voor het zwarte gat. Maar ik vond vlug werk als vertegenwoordiger in aluminium deuren en ramen. En ik heb een goeie vrouw en twee schattige zoontjes (Dante en Enzo). Goed overeenkomen thuis: onderschat het niet. Ik heb er gekend die bleven doorkoersen omdat ze anders vreesden thuis onder de knoet te geraken. Als dat geen motivatie is om harder te gaan fietsen"

nog 38 dagen en het is zover!
Flanders Classics